Nieuws

Echte Russengrappen, Britse zelfspot en Japanse sitdown-comedy

10 maart 2020

Door Katja Keuchenius
Hoe vertaal je humor? Op de Vertaalslag 2020 hoorden we dat je weggevallen grappen in een vertaling later kunt compenseren. En dat bij dezelfde strip verschillende culturen om iets anders kunnen lachen.

De Vertaalslag over humor begint met wetenschap. Martijn Veerman onderzoekt als filosoof al jaren humor en schreef het boek Humorologie. En inderdaad, bevestigt hij de vrees van presentator Jasper Henderson: “Ik kan zelf nog maar om weinig lachen.” Oude filosofen hadden weinig goede woorden over voor humor en noemden als belangrijk aspect vaak het verlies van zelfcontrole. Hedendaagse filosofen zijn positiever en omschrijven humor als spelen met ongerijmdheden en verrassingseffecten. Humor staat vaak haaks op vaste denkgewoonten en gebruiken. Veerman: “Daarom liggen humor en religie elkaar niet zo lekker.” Verder kent Veerman de ideale lengte van een mop: 103 woorden. Dat blijkt uit analyse van het Laughlab waar mensen uit 70 verschillenden landen hun favoriete mop naartoe stuurden. Moppen met eenden erin bleken extra gewaardeerd in alle culturen. Een ander lachwekkend moppeningrediënt is de harde k-klank. Amerikanen en Canadezen lachen vooral om moppen over superioriteit, Fransen, Denen en Belgen houden van absurdistische grappen en Duitsers “lachen om alles”.

Fokke en Sukke
Hans Boland stapt het podium op. Niet om te vertellen over de grappen van Dostojewski en Poesjkin, maar over zijn vertaalde strips van Fokke en Sukke. Dat deed hij in 2006 voor een tentoonstelling van de strips in St Petersburg. De dichter Alexei Purin had het laatste woord over de tentoonstelling en Boland is blij dat hij koos voor de namen F(phi)akko & Cakko. “Om de grap daarvan te begrijpen moet je een bepaald cultureel besef hebben. Je hoeft niet af te dalen tot het niveau van een dronken, vijftigjarige Rus die niet zo goed Engels kan.” Sommige Fokke & Sukke-grappen begrijpen Russen beter, zoals één waarin de kanarie en de eend commentaar leveren op de matige ontwikkeling in een speech van Khomeini. “De gemiddelde Rus heeft een enorme literaire scholing”, zegt Boland. Soms lachen Russen om iets heel anders. Zoals bij de strip waarin een toverfee in sexy lingerie Fokke & Sukke vraagt welke twee wensen ze verder nog hebben. Boland: “Wij lachen omdat het zo plat en seksistisch is, maar in Rusland is dat soort seksisme helemaal geen thema.” Dat zie je ook als Fokke en Sukke consul zijn en de autodealer vragen hoeveel mensen er in de kofferbak passen. Boland: “Ook de consul moest daar vreselijk om lachen en zei dat hij nooit had verwacht dat Nederlanders echte Russengrappen konden maken.” Maar ook hier lachen de twee volken eigenlijk om iets anders. “Bij hen is dat dagelijkse praktijk, bij ons is het veel indirecter.”

Britse humor
De volgende spreker is Nicolette Hoekmeijer en ze waarschuwt het publiek alvast dat haar speech over Britse humor vertalen niet zo hilarisch wordt als mensen van te voren hoopten, met Mr Bean, Fawlty Towers of verkeerde ondertiteling. Haar speech voldoet wel aan de definitie van lachen volgens Kant: ‘lachen is een affect dat voortkomt uit de plotselinge overgang van een gespannen verwachting in niets.’ Ze gaat namelijk praten over het boek Patrick Melrose, een jongen die werd misbruikt door zijn sadistische vader en aan zijn lot wordt overgelaten door zijn aan alcohol en valium verslaafde moeder. Niet leuk dus, maar er zit wel degelijk humor in, vooral zelfspot van de Britse upperclass. Die laat zich maar moeilijk vertalen omdat Britten een hoger register en bedachtzamere formuleringen hebben dan Nederlanders gewend zijn. Hoekmeijer wil haar personages bijvoorbeeld niet laten zeggen: “Ik zou er geen bezwaar tegen hebben om een cognacje te savoureren.” Dat compenseert ze liever verderop in de tekst door de opmerking ‘extraordinairy’ over iemands kledingkeuze te vertalen met ‘hoogst curieus’. Van Patrick Melrose bestaat inmiddels ook een serie, met een ondertiteling die niet lijkt gebaseerd op de vertaling van Hoekmeijer. De opmerking ‘thinly attended’ over een bijeenkomst vertaalde Hoekmeijer bijvoorbeeld met ‘schamele opkomst’, maar in de serie is dat ‘weinig volk’ geworden. Hoekmeijer snapt de keuze wel, omdat het dikdoenerige van het milieu al genoeg in beeld naar voren komt. “Er is al een overdaad aan informatie dat het personage een onuitstaanbare snob is.” Het is dezelfde reden waarom in ondertitelingen zelden uitroeptekens staan. “Je hoort al dat iemand schreeuwt.”

Sitdown-comedy
Aan tafel schuiven Tjadine Stheeman en Luk van Haute, over hun vertalingen uit het Amerikaans en het Japans. De Japanse humor lijkt volgens Van Haute eigenlijk erg op die van ons, omdat er weinig taboes zijn. Dat is anders in de Amerikaanse cultuur, waar in een vertaling van Hurakami een hele passage verdween omdat er een man alcohol uitdeelde aan een minderjarig meisje. Verder is het ook niet waar dat in Japan het fenomeen humor niet bestond voordat het land het begrip adopteerde onder de naam Hyuma. Het is volgens van Haute een van de vele onwaarheden die over de Japanse cultuur de ronde doen. Hij presenteert een lijstje van zes verschillende woorden die zoiets als humor betekenen en zo oud zijn als het eeuwenoude vak van Japanse komedianten die op een stoel gingen zitten om grappen te vertellen, door Van Haute vertaald als ‘sitdown-comedy’.

Tjadine Stheeman vertaalde het Amerikaanse boek Calypso van David Sedaris, met een ‘ongelofelijk hoge grappendichtheid’. Vanavond licht ze voorbeelden uit van woordgrappen waar ze als vertaler creatief voor moest zijn. Ze bedacht als vrouwelijke en onsmakelijke naam voor een strandhuis genaamd Sea Section, de vertaling Witte vloed. Van een personage dat eerst Rooster heet en later de bijnaam Juicester krijgt, omdat hij alles in de sapcentrifuge gooit, veranderde Stheeman de Nederlandse naam Haantje in Kraantje.

Vertaalengel
In het laatste deel van de avond vertelt Auteursbondvoorzitter Maria Vlaar dat de jury zich dit jaar niet genoeg gestoord heeft om een vertaalduiver uit te delen. De dertiende Vertaalengel gaat naar Hanneke Marttin, Nicolette Hoekmeijer en Andrea Kluitman voor hun inmiddels al tien jaar oude Vertalersgeluktournee. De eerste twee vrouwen – Kluitman is op werkvakantie – nemen het nieuwe beeldje dankbaar in ontvangst en vertellen hoe hun jaarlijks evenement om vertalers in de aandacht te zetten ooit begon bij de column van Andrea Kluitmans idee voor een boekenleggersactie. Ze zijn blij met het succes, maar ook verheugd over hun eigen samenwerking. “Je probeert het de ander zo gemakkelijk mogelijk te maken en als de anderen dat ook doen heb je het allemaal makkelijk.” Als bedankje applaudisseert de hele zaal met in hun handen boven het hoofd de befaamde vertalersboekenlegger.